Stap 1: waar komt het water vandaan?

Alles begint met deze vraag. Doorslaand vocht geeft vochtige, donkere wanden en soms witte uitslag, maar geen staand water: het metselwerk laat grondvocht door. Infiltratie via scheuren of doorvoeren geeft een plaatselijke lekplek, vaak bij een leidingdoorgang of een zettingsscheur. Stijgend grondwater geeft water op de vloer na natte periodes, soms centimeters hoog, en komt het meest voor in de laaggelegen delen van Gent, Mechelen, Aalst en aan de kust. Condensatie ten slotte geeft een klamme kelder met schimmel op spullen, zonder dat de muren echt nat zijn.

Een erkende kelderdichter doet een vochtmeting van wanden en vloer en kijkt naar het seizoenspatroon. Dat is de basis voor de methodekeuze, en meteen de reden om wantrouwig te zijn tegenover een aannemer die zonder plaatsbezoek de zwaarste methode voorstelt.

Methode 1: waterdichte cementering (€40–€90 per m²)

Bij een cementering wordt het oude pleisterwerk verwijderd, het metselwerk gereinigd en opgeruwd, en worden de wanden in meerdere lagen bezet met een waterdichte, cementgebonden mortel. Het resultaat is een wand die doorslaand vocht tegenhoudt. De methode past bij kelders zonder staand water en zonder echte waterdruk, en is daarmee de oplossing voor de meeste bergings- en voorraadkelders. Voor een kelder van 20 m² wand komt dat op €1.500 tot €4.000.

De grens van een cementering is druk: zodra grondwater tegen de wand duwt, komt de laag op termijn los. Wie in een natte winter water op de keldervloer ziet staan, is met een cementering alleen niet geholpen.

Methode 2: bekuiping (€100–€200 per m²)

Een bekuiping maakt van wanden én vloer één gesloten, waterdichte kuip die de druk van het grondwater aankan. De vloer wordt meestal uitgebroken en opnieuw gegoten met een waterdichte laag, de wanden worden bezet met een drukbestendige dichtingsmortel of een bitumineuze membraan, en de aansluiting tussen wand en vloer krijgt een kimafdichting. Dat is meer werk, meer materiaal en vaak breekwerk, vandaar de prijs: €4.000 tot €9.000 voor een gemiddelde kelder.

Bekuiping is de enige binnenoplossing die standhoudt bij stijgend grondwater, en de aangewezen keuze als u de kelder wil inrichten als bureau, wasplaats of leefruimte. In steden met een hoge grondwaterstand stellen specialisten ze standaard voor; welke dat zijn, leest u per stad op onze pagina's per stad.

Methode 3: buitenafdichting met drainage (€200–€500 per m²)

De meest definitieve oplossing pakt het water aan vóór het de muur bereikt: de kelderwanden worden aan de buitenzijde uitgegraven, voorzien van een waterdichte laag en een noppenfolie, en onderaan komt een drainagebuis die het grondwater afvoert. Door het graafwerk is dit ook de duurste methode, €6.000 tot €12.000 of meer. Ze is vooral zinvol bij nieuwbouw, bij ernstige structurele waterdruk, of wanneer de kelderwanden van buitenaf goed bereikbaar zijn, bijvoorbeeld bij een vrijstaande woning met tuin rondom. Voor een rijwoning in de stad is ze meestal niet uitvoerbaar.

Scheuren en doorvoeren: injectie

Komt het water door één scheur of rond een leidingdoorvoer, dan hoeft de hele kelder niet behandeld te worden. De scheur wordt geïnjecteerd met een flexibele polyurethaanhars of acrylaatgel die opzwelt bij contact met water en de doorgang afsluit. Dat kost €300 tot €1.500 per kelder en wordt vaak gecombineerd met een cementering van de omliggende wand. In de Limburgse mijnstreek, waar oude zettingsscheuren voorkomen, is dit de meest gevraagde kelderbehandeling.

Wat de prijs verder bepaalt

Naast de methode wegen mee: de oppervlakte van wanden en vloer, de kelderdiepte (meer diepte is meer waterdruk), de bereikbaarheid (een smalle keldertrap betekent meer arbeidsuren voor puin en materiaal), de staat van het metselwerk en de gewenste afwerking. Wie van de kelder een leefruimte maakt, rekent bovenop de dichting nog isolatie, chape en afwerking. Alle richtprijzen en rekenvoorbeelden staan in de prijsgids kelderdichting 2026.

Voor woningen ouder dan 10 jaar geldt 6% btw op het hele werk. Een aparte premie voor kelderdichting bestaat in Vlaanderen niet; wat wel nog kan, leest u in de premiegids.

Zo vergelijkt u offertes voor kelderdichting

Vraag minstens drie offertes en vergelijk eerst de methode, pas daarna de prijs. Twee offertes van €3.000 (cementering) en €7.500 (bekuiping) voor dezelfde kelder zijn geen prijsverschil maar een diagnoseverschil, en dan moet u weten wie gelijk heeft. Vraag naar de vochtmeting, de garantie (10 jaar uitvoeringsgarantie is de norm) en naar referenties in uw buurt. Via de Vochtcheck ontvangt u binnen 48 uur tot 4 offertes van erkende kelderdichters, zodat u de methodes naast elkaar ziet.

Veelgestelde vragen

Wat kost een kelder waterdicht maken?

Een waterdichte cementering kost €40 tot €90 per m², een volledige bekuiping €100 tot €200 per m² en buitenafdichting met drainage €200 tot €500 per m². Voor een gemiddelde kelder betekent dat €2.500 tot €12.000, afhankelijk van de methode en de waterdruk. Woningen ouder dan 10 jaar genieten 6% btw.

Kan ik mijn kelder zelf waterdicht maken?

Een kleine doorslagplek kan u zelf met een cementgebonden dichtingsmortel behandelen. Een kelder die onder waterdruk staat niet: een bekuiping vraagt de juiste producten, een correcte aansluiting tussen wand en vloer en ervaring met de druk die het grondwater op de kuip zet. Fouten komen pas bij de eerste natte winter aan het licht.

Hoe lang gaat een kelderdichting mee?

Een correct uitgevoerde bekuiping gaat 25 tot 30 jaar mee en erkende specialisten geven doorgaans 10 jaar uitvoeringsgarantie. Een cementering houdt bij beperkte druk even lang stand; onder echte waterdruk kan ze binnen enkele jaren loskomen, wat precies de reden is om de diagnose vooraf goed te doen.